In het diepe

Als twaalfjarige jongen ging ik ooit op de fiets van Zwijndrecht naar Rotterdam om naar de middelbare school te gaan in de Duyststraat. Ik weet nog van de eerste dag dat ik bovenaan de roltrap van de Maastunnel stond en geen idee had hoe je met een fiets beneden kwam. Natuurlijk zag ik tientallen mensen het grappengebouw in kwamen fietsen, vlak voor de trap van hun zadel sprongen, hun stuur scheef zetten op de eerste trede en dat alles in een beweging, zo leek het. Maar ik vond het vooral doodeng en had rampenfantasie√ęn dat ik mijn stuur niet meteen dwars kreeg en dientengevolge die hele lange trap naar beneden zou stuiteren.

Onlangs bedacht ik om daar toch nog eens te gaan kijken. En ja, het is echt hoog. Het bord dat de tunnel ook een lift heeft, stond er in 1968 echt niet. Een meneer met op zijn pullover het logo van de gemeente Rotterdam hielp mensen waar nodig hun fiets op de roltrap te plaatsen en toezicht te houden op het naleven van de corona maatregelen. Hij bewoog zich steeds van boven naar beneden en andersom en op mijn vraag naar de lift verzekerde hij me dat deze er van het begin af aan is geweest.

Komen ze nu mee. En ik maar klooien en doodsangsten uitstaan. Overigens was er die allereerste keer een behulpzame man die mij hielp en voor mij is blijven staan om me op te vangen mocht dat nodig zijn.