Mijlpalen

Mijlpalen dienDen om je positie te bepalen, zodat je enig idee hebt hoe ver je van huis bent. Dat kon zowel op de heen als de terugweg zijn. Denk je eens in dat er ooit iemand is begonnen met het plaatsen van mijlpalen. Omstanders zullen hem of haar voor gek hebben verklaard, zoals nieuwe initiatieven zo vaak de grond in worden geslagen. Kritiek kwam er ongetwijfeld later ook op de onnauwkeurigheid van de afstand tussen mijlpalen, want een mijl afkomstig is van het Latijnse mille passuum oftewel “duizend passen”.

In een mensenleven heb je ook vele mijlpalen die je passeert. Steeds verder van je geboortehuis en op weg naar je sterfhuis. Herman van Veen lichtte gisteren bij DWDD zijn boek “Voor het eerst” toe, waarin hij mooie dingen zei over liefde, ouder worden en verdriet. De man is drieënzeventig en springt nog over het podium als een jonge kerel. Een goed gestel noemt hij het en hij vind zichzelf verplicht daar goed voor te zorgen. Iedere dag gaat hij aan de zoldertrap hangen om even alles uit te laten zakken, want hij wil die 5 cm niet kwijt die gasten uit zijn studietijd al aan lengte hebben moeten inleveren. Overigens, voorzichtig weer met je tenen op de grond, want het moet wel allemaal weer in elkaar vallen.

Wat een prachtig taalgebruik bezigt de man toch. Een genot om te luisteren naar zijn woordkeus, formuleringen en articulatie. Ik heb hem in het theater een keer mogen beluisteren en dat is een onvergetelijke ervaring geweest. 

De mijlpaal waar ik vandaag bij stil sta is mijn eerste niet werkzame dag sinds vijfenveertig fulltime jaren. Sinds 1 november ben ik in deeltijd pensioen en werk ik nog slechts vier dagen. Deze dag voelt ook serieus anders dan een gewone vrije dag. Dit is immers de eerste woensdag van hopelijk vele dat ik kan gaan doen wat ik wil. Schrijven, sporten, schilderen, naar het museum, fietsen, wandelen, naaktzwemmen, niets doen, autorijden en wat al niet meer. Wat een vrijheid en een rijkdom aan vooruitzichten.

Kan een mijlpaal een zwart gat worden? Volgens mij alleen als je er aan gaat lopen rukken om hem uit de grond te krijgen. Lekker laten staan dus, er aan voorbij gaan en doorgaan met leven.