Drie bijzondere rouwkransen

Natuurlijk, je weet dat je ouders een keer zullen overlijden. Je weet dat en toch kwam de dood van mijn vader onverwacht.

Op zondag was ik nog bij hem en de volgende ochtend, 14 januari 2013, vond de verpleging hem dood in zijn badkamer. Die week was bijzonder, omdat we als zussen en broers samen toe hebben gewerkt naar zijn afscheid. Bijna alle dagen zaten we samen aan tafel of in de zithoek bij ons thuis en vormden een rouwkrans. Mijn vader was niet kerkelijk. Mijn moeder vond dat we haar dominee niet konden passeren.  Het viel niet mee om recht te doen aan alle wensen, maar we hebben met elkaar invulling kunnen geven aan de bijeenkomst voorafgaand aan zijn begrafenis. Op de dag van de begrafenis, vrijdag 18 januari 2013, was het snijdend koud, maar wel mooi, helder weer. De kist stond in het zonnetje in de kapel van De Lindonk en was nog open, en mijn moeder, zo goed als blind, heeft daar haar man, met wie ze meer dan zestig jaar getrouwd was, nog aan kunnen raken.

Die maandag daarna begonnen de repetities van Händels Messiah waar ik als projectzanger aan heb deelgenomen. Nog geen tien weken later was op Goede Vrijdag het concert met De Witt Academy. Ook een rouwkrans, die afgesloten werd met een witte roos.

De volgende dag lag er een prachtig boeket witte rozen op de kist waarin mijn moeder lag. Ook in die week vormden we als zussen en broers, maar nu als wezen, weer een rouwkrans. Zowel tijdens haar laatste uren, tijdens haar sterven in de vroege ochtend van 26 maart 2013 en de dagen erna om haar begrafenis te regelen.  In haar kerk, met een overdenking door haar dominee, werd op stille zaterdag 30 maart 2013 de bijeenkomst gehouden. 

Tijdens het binnendragen van de kist van mijn vader én tijdens het uitdragen van de kist van mijn moeder speelde Jurriaan van der Zee de prachtige choralprelude “Ich ruf zu dir, Herr” van Bach in de pianobewerking van Ferrucco Busoni. De derde krans.