Leipzig, Arnstadt, Weimar en Eisenach

Deze vier Duitse steden vormden de route tijdens mijn weekend in de  voetsporen van Bach.

Vrijdag 30 maart 2012

´s Morgens bij tijds vertrokken. Bewust gekozen voor de route via Oldenzaal en Hannover, zodat ik op de terugweg via Kassel kan rijden en dus twee verschillende omgevingen zie. Ik blijf een nieuwsgierig jongetje.

Wel bijzonder om na 340 km snelweg opeens bij Bad Oeynhausen een bord einde snelweg te zien en ja hoor, stoplichten. Na enkele kilometers is er weer stevig, snel Duits asfaltbeton. Eveneens opvallend is het om tussen Braunschweig en Magdenburg de voormalige Innerdeutsche Grenze tussen de DDR en de BRD te passeren. Vastgesteld dat Berlijn net zo ver rijden is als Leipzig. En in de file een bordje waargenomen “Bachstadt Köthen”, het stadje dat niet op het programma stond.
Bij “Hotel Am Park” in Merseburg aangekomen, sta ik voor een dichte deur met het verzoek te Ringen oder An zu rufen.
“Ach so, bist Du schon da?”
Meestal moet je aankondigen als je later wil inchecken, kennelijk had ik hier beter kunnen laten weten dat ik eind van de middag zou arriveren. Na de kamerinspectie en even wat bijkomen van de autorit ga ik op weg naar de stad Leipzig. Het is erg druk op de weg, maar uiteindelijk ben ik toch ruim op tijd in de Thomaskirche voor de Motetten.
Een prachtige klank van het vijfkoppige Ensemble Nobiles, voormalige knapen uit het Thomanerchor. Het motet “Mitten wir im leben stand” van Peter Cornelius werd bijzonder mooi gezongen.
’s Avonds nog een beetje de stad van Leipzig bekeken en op het Hauptbahnhof een pizza gegeten bij de hut om daarna weer richting hotel te gaan. Een vermoeid lijf had behoefte aan een warm bad, een glas wijn en een lange nachtrust.

Zaterdag 31 maart 2012

Na de gebruikelijke ochtendrituelen mijn spullen ingepakt en naar beneden voor het ontbijt. Mijn vermoeden bleek juist, ik ben de enige gast. De gastvrijheid is er niet minder om, vers brood, twee vers gekookte eitjes, vruchtensap en koffie. Een compleet ontbijtbuffet voor € 4,- ook als er maar één gast is. De winst zullen ze wel in het seizoen behalen. Als ik heb afgerekend vertrek ik rond negen uur opnieuw naar Leipzig, nu zonder files.

Mijn eerste bezoek geldt het Mendelssohnhaus. Op weg daar naar toe geniet ik van de bijzondere architectuur van zowel het Gewandhaus en van de Universiteit, waarin delen van de vroegere St. Pauli kirche zijn in- of nagebouwd.

Het Mendelssohn museum is niet groot, maar wel boeiend. Hij kon ook behoorlijk tekenen en schilderen en daarvan herkende ik de Thünersee bij Spiez in Zwitserland. Grappig is dat diverse partituren en programmaboekjes geschonken zijn door Thijs Kramer, dirigent van o.a. KCOV Excelsior uit Amsterdam. Felix Mendelssohn was nog geen veertig, toen hij stierf, maar toen al een gevierd dirigent en wat heeft hij prachtige muziek nagelaten.
Toch toe aan een bak koffie en daarmee de regen ontvluchtend, geniet ik bij Lucas van een grote tas koffie met een appelgebak voor maar een paar euro.
Volgende programmapunt is een bezoek aan de Nicolaikirche, waar Bach ook gespeeld heeft. Een stemmer is bezig het klavecimbel te stemmen met het oor op de later die dag uit te voeren Johannes Passion.
Vervolgens naar het Bach museum tegenover de Thomaskirche. In de hal van het museum is een enorm liggend touchscreen van anderhalf bij drie meter, waar je de aanwezige foto’s kon vergroten, draaien, verplaatsen etc. Mooie toepassing van ‘nieuwe’ techniek. Bijzonder interessant was de uiteenzetting over het dateren van Bach’s werken. In de tijd voor de drukpers werd het werk uitgeschreven door kopiisten, die ieder hun eigen handschrift hadden wat later mogelijkheden gaf om het werk te dateren. Ook het watermerk in het papier speelt hierbij een grote rol.
Op de eerste etage begint de tentoonstelling met een door Johan Seb. zelf uitgevorste stamboom van de familie Bach, met muziekvoorbeelden van de componerende familieleden. Verder een gerestaureerde speeltafel van een orgel uit de tijd van Bach en heel veel muziekvoorbeelden van alle soorten werken die Bach schreef. Hij werkte en woonde in de Thomasschule, maar helaas is de school begin 20e eeuw afgebroken, dus het museum moet het doen met een maquette.
Om kwart over twee weer een plekje zoeken voor de motetten van drie uur, die deze keer aanzienlijk langer duren dan op vrijdag. Het programma was uitgebreider en bevatte nu de volledige Messe de notre dame van Guillaume de Machant en de Quatre peties prières van Francis Poulenc.
Na afloop wat foto’s genomen en nog wat rondgekeken in de stad. Speck’s hof, een prachtige winkelgalerij, en Karstadt, een enorm warenhuis van zes verdiepingen, met een waterorgel dat in het hele trappenhuis zichtbaar was.

Tegen zes uur de auto opgezocht en richting Erfurt. Het werd gelukkig steeds vaker droog en met prachtige luchten, mooie kleuren een gevarieerde rit van 150 km naar Erfurt. Onderweg bij een wegrestaurant een schnitzel naar binnen gewerkt. Vlak bij Erfurt dankzij TomTom nog even een 20 kilometer omgereden, maar ach, het was mooi weer en er zat niemand te wachten.
Uiteindelijk reed ik hotel Wilna straal voorbij, want wie verwacht er nu een hotel in een woonkazernecomplex? Eén lift die naar de 3e, 6e en 9e verdieping gaat en als je op één van de andere zit dan nog een trapje of en af moet, wat donkere hoekjes en gaatjes, een uitzicht over nog veel meer woonkazernes, ach, wat maakt het uit als de kamer schoon en in orde is. En dat was hij.